EERSTE WERELDOORLOG

28 SEPTEMBER 1918 - BELGISCH BEVRIJDINGSOFFENSIEF

FRONT WOUMEN - MERKEM - HOUTHULST - KLERKEN

10de INFANTERIEDIVISIE - VERLOOP VAN DE STRIJD

De aanvalsgroep van de 10de Infanteriedivisie wordt gevormd door 4 bataljons :

 

- het 1ste en 3de bataljon van het 20ste Linieregiment (1ste lijn)

- het 1ste en 2de bataljon van het 13de Linieregiment (2de lijn)

 

Het 2de bataljon van het 20ste Linieregiment en het 3de bataljon van het 13de Linieregiment blijven achter als reserve samen met het 19de Linieregiment.

 

Door de onderwaterzetting moeten de bataljons rond de vijver van de Blankaart trekken.  Bijkomend nadeel is dat zij, door de posities van de 1ste Infanteriedivisie op hun rechterflank, moeten aanvallen op een smalle strook van nog geen 800 m. breed.

 

De soldaten van het 20ste en 13de Linieregiment komen pas op 27 september ’s avonds laat aan bij de loopgraven bij Merkem – tussen de Kippe en de Kwadebeek - na een zware mars van ca. 20 km. waarbij ze alle materiaal (munitie, handgranaten, …) zelf moeten dragen.

 

Het offensief gaat van start om 2u30 ’s morgens met een geweldig artilleriebombardement op de Duitse stellingen.

 

Nog voor de troepen van de 10de infanteriedivisie de aanval kunnen inzetten worden de bataljons die zich in de 1ste lijn bevinden het slachtoffer van een heftig Duits tegenbombardement, met heel wat verliezen voor gevolg.  De dag begint slecht voor de divisie !

 

Ondanks deze tegenslag gaan de troepen onvervaard in de aanval.  De opmars naar het Kasteel Blankaart verloopt evenwel uiterst moeizaam.  Het is bijzonder slecht weer.  Het terrein, bezaaid met granaatrechters, is doorweekt. De door de onderwaterzetting gezwollen Steenbeek en Ronebeek vormen natuurlijke hindernissen die met moeite worden overschreden.  De Duitsers hebben in het gebied betonnen schuilplaatsen gebouwd die elkaar flankeren en onderling steunen.  Deze weerstandsnesten moeten telkens via een frontale aanval worden uitgeschakeld, met talrijke slachtoffers tot gevolg.